Natuurverhalen maken en vertellen

Er zijn allerlei activiteiten in de natuur die zich op even veel manieren lenen voor het benutten van een pakkend uitnodigend verhaal. Een kleine vertaalslag is snel gemaakt.                                                                         

De volgende structuren kunnen ingevuld worden met hoofdrolspelers als bomen, dieren, etc. uit de natuur. Geef ze een stem. Denk bijvoorbeeld aan: "Hoe het water een gebroken  scherpe steen hielp zich weer mooi te voelen".

Het maken en vertellen van een verhaal kan kort duren (een minuutje of een uurtje) of over een langer tijdsbestek worden uitgespreid (als rode draad tijdens een themaweek).

Bij deze mijn ervaring en aanpak ter inspiratie:

NATUUR THEMA'S

Als insteek voor het bedenken en maken van een rode draad + programma gebruik ik graag een thema. Zoals indianen (speuren naar sporen en sporen lezen, behendigheidsproef boogschieten, inleven in dieren etc.) - piraten (signaal maken van aangespoelde materialen, evenwichtsproef, touwtrekken = anker lichten / zeilen hijsen, boom klimmen om uit te kijken vanuit het kraaiennest, schat zoeken met geheimtaal en een kaart / kompas etc.) - heksen (kruidensoep, kruidenboter, paddestoelen herkennen, sterren herkennen, etc.). Zo had ik voor de heksen-activiteit een verhaal geschreven ter inleiding over een heksenzoon die graag wilde leren vliegen. Hij had een oud toverboek van zijn moeder gevonden en dacht dat het zou moeten lukken met een Vliegenzwam. Zijn moeder wilde echter eerst dat hij wat zou eten: Aardappelbovist met Biefstukzwam en Heksenboter..... later in het veld kon ik mooi de verschillende paddenstoelen aanwijzen en wisten ze de namen nog, dankzij het verhaal.

THEATER

Tijdens het maken van producties op toneel, in de poppenkast en als clown (optreden) heb ik thema's verpakt in een verhaal, om ze bespreekbaar en inzichtelijk te maken. Dat was het eerste stadium van het verhaal maken, want de verhaallijn had een "oorzaak en gevolg" gehalte: "en toen ...." - "en daardoor...." - "en dan denk/voel je".....-  "en dus doe je ....". 

Voor natuurverhalen stapte ik "in de rol van" (boom, vleermuis, ....) en legde het publiek een dilemma voor. Die mochten dan "inspringen" (meespeeltheater) en oplossingen / verloop van het verhaal inbrengen. Dat was vaak hilarisch, soms bijzonder spannend en zeker verrassend!

RECREATIEWERK

In het recreatiewerk dat ik heb gedaan op campings en bungalowparken heb ik een rode draad in programma's gemaakt met een verhaal volgens de A-team formule:

1. de hoofdrolspelers worden geïntroduceerd (kennismaking).

2. er is een probleem en zij krijgen de opdracht - vraag - daar iets mee te doen (opwinding over de missie: zal die lukken?!).

3. ze pakken het aan, maar terwijl ze bezig zijn dient zich een extra struikelblok - hindernis te nemen - aan (spannend: want ze leken net goed op dreef, gooit iets roet in het eten!).

4. de hindernis wordt genomen en het probleem wordt opgelost - de plek / persoon / het onderwerp van het aanvankelijke probleem is opgelucht, blij en dankbaar o.i.d.

Het kan een activiteit betreffen waar ik sfeer voor wil wekken, om mensen in een bepaalde stemming te brengen, zoals voorafgaand aan een dropping:

ik nodig de deelnemers uit een verhaal te maken en in de middag te komen vertellen of te komen luisteren. Daarna wordt er gezamelijk gegeten en gaan we op pad. 

Het kan een rode draad door de week betreffen, waarbij elke dag een aanwijzing wordt gevonden die als een puzzelstukje dichter naar de clou leidt. Dat kan ook zijn dat de koning op zoek gaat naar een prins voor zijn dochter om mee te trouwen. Hij stuurt elke dag een ansichtkaart uit een ander land (vraagt dus wat voorbereiding van jou) met wat hij heeft beleefd en dat de prins nog steeds niet gevonden is, maar dat hij wel een aanwijzing heeft gevonden voor waar die zou kunnen zijn. Onderweg - de deelnemers reizen via de ansichtkaarten met de koning mee - moeten enkele hordes genomen worden. Daar zorgen de deelnemers voor: ze knutselen een ontvangstplek, iets waar de prins van houdt om hem te laten blijven als hij arriveert (want hij is nogal gevoelig voor bepaalde zaken waar hij snel door wil vertrekken of juist niet) - etc.

IVN ZOMERWEEK

Tijdens de IVN zomerweek begint elke dag voor de kinderen met een bericht van Moeder Aarde op de deur van het gebouw waar we verzamelen. Zij vertelt haar verhaal. Soms voorzien van een opdracht voor die dag. De kinderen maken opmerkingen die ik mee neem: "Mag ik een keer bij Moeder Aarde logeren?" - "Hoe oud is Moeder Aarde?"

Op een moment in de week heeft Moeder Aarde de kinderen gevraagd een plekje te maken waar ze elkaar kunnen ontmoeten. De kinderen gaan er vol voor: ze maken hun eigen verhaal terwijl ze bezig zijn. Inclusief een mooi gemaakte stronk waar Moeder Aarde op kan zitten met varens en ook allerlei ander los liggend natuurmateriaal wordt verzameld waarmee de ontmoetingsplek wordt versierd.

Tijdens de ontmoeting vertelt Moeder Aarde hoe mensen het erg druk hebben met van alles denken en daardoor zelden horen hoe het met haar kinderen - de natuur - om hen heen gaat. Zij vraagt of de kinderen willen helpen de natuur een stem te geven. De kinderen maken maskers van waar ze hun stem aan willen geven - en worden dat (gras, hert, eik, etc.) zodra ze het masker voor doen en laten zo van zich horen. De anderen luisteren. Tenslotte wordt overlegd (zie Council of Beings / Raad van de Aarde) wat voor actie we nemen. (Door het masker af te doen word je weer gewoon je - mens - zelf).

HELEND TEKENEN

Bij helend tekenen werk ik:                 

A) met kaartjes: zelfstandige naamwoorden (mens huis steen etc.) + bijvoeglijke naamwoorden (mooi lelijk sterk zwak etc.) + werkwoorden (komen lopen etc.) + voorwerpen (zwaard sjaal flesje etc.) + landschappen (berg weiland bos oceaan etc.).                                                                                                                                                                                   Voorbeeld: "Een bezige bij vliegt met zijn stuifmeelkorfje door het zonnebloemenveld." + "Een hongerige merel hipt in het weiland." Het verhaal is begonnen, verwachting, hoop .... Voor het maken van een verhaal trek je de kaartjes die je nodig hebt: soms is 1 kaartje van elk stapeltje voldoende. Soms is interactie dus leuk, dan trek je er bijvoorbeeld 2 zelfstandige naamwoorden + bijv. nw. en die leg je tegenover elkaar als titel. Voorbeeld: "De verlegen egel en de brutale haas".

Soms is het fijn een bijvoeglijk naamwoord bij elk ander kaartje te leggen.                                                                                                                                                           Voorbeeld: een mooi paard - stapt statig - met zijn gloednieuwe zadel - door  de bossen. (Het verhaal is begonnen, want: waar is zijn berijder? Strompelt die vol blauwe plekken er achteraan? Of had die na het opzadelen niet eens de kans om zijn paard te bestijgen? of ...., want .....).

B) met stripverhaal formule (dat veel lijkt op de A team formule en ook veel wordt gebruikt in theatervoorstellingen en sprookjes):                                                                                   start = kies 2 hoofdfiguren die tegengesteld zijn (sterk zwak - groot klein - dik dun - verlegen brutaal etc.).                                                                                                                          1. Introduceer de hoofdrolspelers - laat zien hoe ze zich voelen.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                2. de ontmoeting                                                                                                                                                                                                                                                                   3. het conflict                                                                                                                                                                                                                                                                         4. de oplossing                                                                                                                                                                                                                                                                      5. de verzoening                 

BOSJUWEEL

Ik ontvang en verwelkom de deelnemers in de rol (verkleed) en met een intro in het thema (indianen / middeleeuwen / beroemd atelier). Tijdens het programma leent een moment aan het kampvuur zich om een mooi verhaal te vertellen. En ook de knutselactiviteiten introduceer ik met een verhaal (krachtschild als medicijn van de indianen etc.).

REGENBOOGBOOM

Tijdens ziekenhuis en instellingsbezoeken maak ik verhalen met de kinderen - inspiratie is alles wat kracht en waardigheid geeft, zoals een dekbedprint, kaarten aan de muur van dolfijnen (lievelingsdieren) e.d. De verhalen spelen zich af in het Regenboogbos. Of rond waar het kind mee komt. Ik introduceer het Regenboogbos en vraag een kind wie/wat het graag eens zou willen zijn. Dan zeg ik dat het wel heel fijn is dat/diegene te zijn (dat is aan het stralen van het kind te zien). Dan maken we het verhaal verder, met wat het als dat/diegene zou willen doen (want in het Regenboogbos kan alles). Ik heb gevlogen op de rug van een draak, om een keer het paleis uit te komen en vuur spugend over de bergen te genieten van de frisse lucht en ruimte. Werken met metaforen in verhalen is erg bruikbaar om gevoelens een plek te geven. Bijvoorbeeld: Ik heb gezien hoe verschillende bordjes op de deur konden aangeven hoe het kind zich voelde: van rustende vulkaan (ontspannen, kom maar binnen) tot explosieve uitbarstende vulkaan (boos en overbelast).

Ook kan een kind via metaforen aangeven hoe het zich voelt en wat het nodig heeft in zijn / haar eigen "koninkrijkje"; zo liet een jongetje met kanker weten dat het een figuurtje van tv wilde zijn, omdat die kon doden. Iedereen verschoot, want dood en kanker is geen fijne gedachte. Maar wetend dat kinderen in metaforen toegang hebben tot zelfexpressie, koos ik hier in afstemming met zijn serieuze toon van iets te melden hebben dat voor hem belangrijk was: wie zou je dan willen doden als je P. was? Het jongetje zei: mama. Ik vroeg: en wat zou dat jou brengen? Zegt het jongetje: dan doet ze eindelijk weer eens normaal! Het bleek dat hij alle kracht nodig had om zijn proces te behappen. Hoewel menselijk dat je als ouder met allerlei gevoelens worstelt, kostte het hem veel energie dat zijn moeder met hem sprekend een klein stemmetje gebruikte - hij had juist nodig dat ze hem in zijn kracht en waardigheid zag, dat communiceerde en steunde. Dit besef opende de harten weer en na een bevrijdende stroom van tranen sloten ze elkaar in de armen. Natuurlijk wilde de moeder er graag voor hem zijn en ze was blij dat ze nu begreep wat hij nodig had. Beiden waren opgelucht.

NATUURWIJS

Het maken van een boompaspoort was een mooi moment om vanuit mijn tenen te voelen en uit te spreken: "ik heb diep respect voor bomen". Dat was een levensverhaal in 1 zin.

Het zaaien van zonnebloemen langs de akkers was aanleiding tot het opzoeken (google) van kenmerken van zonnebloemen. En ik las dat die de bloemhoofden mee draaien met de zon. Een bloemhoofd is het hart van de bloem, die is dus altijd gericht naar het licht en de warmte van de zon. Zo ontstond een verhaal van de zonnebloem die de prachtige kleuren van het eerste ochtendgloren zag, mee draaide tot de zon op haar hoogste punt stond en haar hart vol liet stromen met het licht en de warmte van de zon, om vervolgens de hemel turqooise, diepblauw en violet te zien kleuren bij het dalen van de zon achter de horizon. Tijdens het maken en vertellen van het verhaal zag ik het voor me en voelde ik het in mijn eigen hart. Dat inspireerde me om meer verhalen te maken: kenmerken zoeken van bijen en spinnen en ......

ONEINDIGE KANOTOCHT

Tijdens de kano-week door de Wieden en de Weeribben, waarbij we enkel aan land kwamen om een tent op te zetten, te koken eten slapen, legden we voor pauzes de kano's tegen elkaar. We hadden een verhalenverzamelaarster en vertelster in ons midden, die op verschillende plekken een mooi natuurverhaal vertelde over wat we er zagen aan flora en fauna. Jaren later heb ik bij het IVN een workshop bij haar gevolgd die ik je kan aanbevelen: www.natuurverhalen.nl (voor oude en recente verhalen en boeken waarin die verteld staan).